Dit is een compilatie van de vier blogs van juni 2022. In “Joop&Fritz” doe ik verslag van mijn (onze) belevenissen, omdat er altijd wel wat gebeurt.
Sleutelprobleem. Onze kater Icky besloot een nachtje binnen te blijven en trakteerde ons bij het wakker worden op een goed gevulde kattenbak en een niet te harden geur. Brrrr! Daar wil je niet mee wakker worden. Joyce zou nog even voor vertrek naar het AVL de bak verschonen. Nou heb ik absoluut een sterke echtgenote. Maar vooral mentaal. Deze ochtend kende zij kennelijk haar eigen krachten niet. Enigszins beteuterd kwam zij weer boven met een halve sleutel in haar hand. “Ik deed niks. Draaide hem alleen maar om. De andere helft zit nog in het slot”. Ja, ja! Of ik een oplossing had. Mijn schoonmoeder dicht mij gouden handjes toe (niet mijn woorden), omdat ik de meeste huisgebonden mankementen oplos. Ik zeg “meestal”, omdat onlangs een poging om een verstopte wasbak te maken, leidde tot enige lekkage die daags daarna door een vakman moest worden opgelost. Gelukkig vindt zij mij nog steeds aardig. Een gebroken sleutel laten verwijderen door een slotenmaker is een dure klus. Zeg maar rustig misbruik maken van jouw banksaldo. Ik kon het vast zelf. Dus op internet eerst maar allerlei tips en filmpjes van “Handige Henkies” bekeken. Die wipten met speels gemak met paperclips, naalden, mini-schroevendraaiers, figuurzaagjes, pincetten en nagelschaartjes de gebroken sleutelbaard (zo heet het gekartelde deel) uit het slot. Het beste werkte een lockpick set, maar die had ik natuurlijk niet op voorraad. Gewapend met alle genoemde gereedschappen toog ik midden in een langdurige regenbui aan de slag. Eén voor één sneuvelden de hulpmiddelen, terwijl de baard onverstoorbaar bleef zitten waar hij zat. Na een uurtje pielen maar even diep nadenken. Zou een kurketrekker helpen? Ik stak de punt in het slot en zowaar kon ik het slot opdraaien. De baard kon ondanks een ontbrekend deel zijn werk nog doen. Dit was overigens de enige tip die men afraadde. Grrrr. Met een goede sleutel stak ik vanaf de andere kant het baardje uit het slot. Toch “gouden handjes” schoonmama! Joyce ook weer opgelucht. Overigens moest ik alsnog zelf de kattenbak verschonen. Dat dan weer wel.
Weekje Epe. Op uitnodiging van vrienden Henk en Lia opnieuw een weekje logeren in de vakantievilla op hun boerderij. Met het vooruitzicht op mooi weer, de fietsen op de trekhaak gezet en de koffertjes gepakt.






De 3-J’s. Jarige Job Jeroen. Heerlijk fietsen in de omgeving van Epe en met het weer zit het wel snor. Ook even langs bij oudste zoon Jeroen die deze week alweer de 41 aantikte. Hij leidt bungalowpark/camping ‘Het Beloofde Land’ in Voorthuizen. Een half uurtje hier vandaan, dus te doen.



Natuurlijke klok: Nog niet zolang geleden stonden de wekkers van Joyce en mij afgesteld op respectievelijk 06.00 en 07.00 uur. Meisjes trekken nou eenmaal tijd uit om aantrekkelijk voor de dag te komen. Joyce vertrok rond 07.00 uur naar school en ik drie kwartier later. Tegenwoordig staat mijn wekker steevast op 8 uur afgesteld. Pillentijd. Niet dat wij meteen aanstalten maken om op te staan, want het woordje “haast” kennen wij nog nauwelijks. Ons ochtendritueel begint met de digitale krant en social media. De geluiden rond onze woning in Nieuw Vennep bestaan op dat tijdstip uit kinderstemmen en gemotoriseerd verkeer van inparkerende auto’s. Een grote stroom kinderen, trekt druk kakelend en soms onwillig krijsend naar het scholeneiland op amper 100 meter van ons huis. Nog maar zes jaar terug ontging ons dat, omdat wij zelf op dat scholeneiland werkten. Hoe anders is het wakker worden op ons vakantieadres in Epe. De wekker van 8 uur hoeft mij niet te wekken. Om 5 uur ‘s morgens kraait er vlakbij al een overdreven enthousiaste haan. Ik slaapwaak nog een uurtje verder, maar als niet veel later de koeien beginnen te loeien, staak ik mijn slaappoging. Joyce tukt vrolijk verder, zelfs al zou de hele veestapel zich melden. Ik slaap altijd met de oren gespitst. Op het boerenland begint de dag vroeg. Een groot contrast met thuis, maar ik zou er zo voor willen verhuizen. Leven volgens de natuurlijke klok.
Dieren lief en leed: Wanneer je wat langer op de boerderij verblijft, leren wij via onze gastheer Henk het nodige bij over het wel en wee van de dieren. Zo is het b.v. belangrijk dat de pony’s nu gedekt worden, om er voor te zorgen dat ze juist volgend voorjaar een veulen krijgen. En dus verhuizen ze deze week voor dat doel naar Cuyk. Inclusief hun huidige veulens die nog maar kort geleden geboren zijn. De geit en een schaap hebben tijdens ons verblijf lammetjes gekregen. Met name schapen moeten daar vaak bij geholpen worden. Lammetjes dreigen soms bij geboorte met gespreide poten ter wereld te komen of soms de hele binnenkant van moeder schaap mee naar buiten nemen. Zonder hulp overleven ze dat beiden niet. Eén van de lammetjes heeft het moeilijk en wordt met de fles gevoed. Dat noemt men dan een pap-lam. Gelukkig lukt het de kleine na een paar dagen alsnog om bij moeder te drinken. De geit daarentegen heeft geen hulp nodig en doet het helemaal zelf. Wat rest zijn nog wat bloederige sporen in de aarde. De dikbil (vlees) koeien krijgen hun kalveren altijd via een keizersnee, omdat de natuurlijke weg meestal niet lukt. Wij zagen in de stal een koe met een enorme ritssluiting na de bevalling. Die verwacht je aan de onderzijde, maar zit dan weer aan de zijkant. Net als bij de pony’s staan de bevallingen bij de andere dieren zo’n beetje allemaal gepland in het voorjaar. Dat betekent dan ook dat onze gastheer elke nacht één of meerdere keren naar de stal gaat om te kijken of alles in orde is, dan wel te helpen bij het bevallen. Kortom, interessante weetjes.




Deventer: Er is een warme en zonnige week voorspeld, maar daar is maandag nog niet veel van te merken. De jas kan tot een uur of twee gerust aan en de fietsen blijven in de schuur. Daarom met de auto naar “Moskou aan de IJssel”. Dat is de bijnaam die Deventer eind jaren 70 van de vorige eeuw kreeg vanwege de vooral linkse politieke verhoudingen. De stad werd vooral bewoond door arbeiders die werkzaam waren in de vele fabrieken. Maar het is ook “de Koekstad” vanwege de Deventer koek van Bussink. En natuurlijk is Deventer bekend van het jaarlijkse Charles Dickens festival in het laatste weekend voor Kerst. Dit wordt gehouden in het Bergkwartier dat qua panden echt die Dickens sfeer uitademt. Wat hier vooral opvalt zijn de net even andere winkeltjes. Zo leuk.






Deventer is één van de oudste steden van Nederland. De eerste documenten met die naam dateren uit 877 waarin wordt gesproken van de zeven hoeven in Daventre portu (Deventer haven). De naam is naar alle waarschijnlijkheid afgeleid van Deve-treo, twee Oud-Saksische woorden met als betekenis: aan waterloop gelegen (dode of gestorven) boom. Tussen 1000 en 1500 was Deventer een belangrijke handelsplaats die deel uitmaakte van het Hanzeverbond. Grote schepen konden er aanmeren. Al met al een interessante dag met alsnog een zonnetje en natuurlijk een heerlijk terrasje.





Kastelen: Wij hebben ons dit jaar voorgenomen om op onze fietstochten, waar mogelijk, een kasteel of museum aan te doen. Volgens de ANWB zijn de 5 mooiste Nederlandse kastelen: Kasteel de Haar in Haarzuilens (Utrecht), Kasteel Westhove in Oostkapelle (Zeeland), Kasteel Huis Bergh in ‘s-Heerenbergh (Gelderland), kasteel Doorwerth in Doorwerth (Gelderland) en Kasteel Hoensbroek in Hoensbroek (Limburg). Wij deden dit jaar al Hoensbroek, Doorwerth en de Haar aan. Inderdaad erg mooie kastelen. Deze week kasteel Cannenburg in Vaassen. Oorspronkelijk aangekocht als jachtslot door één van de meest beruchte legeraanvoerders uit de Nederlandse geschiedenis, Maarten van Rossum (1478-1555). O ja, geen familie van onze mationale mopperkont Maarten van Rossum. In dienst van de hertog van Gelre liet hij tijdens militaire campagnes een spoor van vernieling achter. Zijn bijnaam: “Zwarte Maarten”. Zijn lijfspreuk: “Blaken en branden is het sieraad van de oorlog”. Leuk mannetje dus. Wij mochten even bij hem op de bank. Beelden van Cannenburgh zeggen meer dan woorden. Klik op onderstaande link voor een leuke impressie.








Ooievaar en Alpaca:Soms komen wij op onze fietstochten bijzondere natuurtafereeltjes tegen. Zoals dit ooievaarsnest boven op een fraai gevormde boom in de omgeving van Nijbroek. Of een grote groep Alpaca’s op een Alpaca-boerderij in Welsum.


Heerderstrand: Naarmate de week vordert, neemt de temperatuur toe. Daarom blijven de fietsen op stal en liggen wij lekker languit aan het Heerderstrand.



Hapje eten: Wij sluiten ons heerlijke verblijf bij onze vrienden Henk en Lia af met een etentje.

Luchtballon: In de nazit op de boerderij verschijnt er plotseling, bij een prachtig ondergaande zon, een luchtballon die de landing heeft ingezet. Op een steenworp bij ons vandaan komt ze aan de grond. De koeien raken even in paniek en trekken luid loeiend een sprintje door het weiland.



Weer thuis: Wij zijn bezige bijtjes, dus er gebeurt altijd wel wat. Zo hebben wij onlangs de keuze gemaakt om weer wat werkzaamheden op onze schouders te nemen. Gewoon ter afwisseling van ons reislustige leventje. Wel met de restrictie dat wij de regie houden over onze beschikbaarheid. Want lonkt het mooie weer en willen wij weg, dan moet dat spontaan kunnen. Het moet natuurlijk wel leuk blijven op onze oude dag. Dat beperkt natuurlijk wel je keuze, maar het is gelukt. Wanneer Joyce dinsdag voor het eerst aan haar nieuwe klus begint, vervoeg ik mij bij het Nederlands Transportmuseum op het voormalige Bolsterrein in Nieuw Vennep. Ik word gastheer. Jawel! Het is eigenlijk de tweede keer dat ik er aan de slag ga. Bij de oprichting van het museum was het de bedoeling dat ik gids zou worden. Samen met nog een paar anderen beschreven wij toen de geschiedenis van allerhande transportmiddelen. Mijn onderdelen waren de scheepvaart in de Gouden Eeuw en de Stoomtram. Deze teksten hangen op grote canvasdoeken bij de betreffende exposities. Leuk om je eigen werk te zien hangen. Gids ben ik toen overigens toch niet geworden, omdat ik er om meerdere redenen niet het goede gevoel bij had. Bovendien werkte ik nog en kwam het eigenlijk te vroeg. Er was nog geen rust in mij neergedaald. Wanneer je bovendien jarenlang zelf de leiding hebt gehad, valt het niet mee om onder leiding van anderen te moeten opereren. Dus nu een herkansing, waarbij ik het museum ‘s morgens opstart of ‘s middags afsluit, de apparatuur bedien, gasten ontvang en rondleid, de kaartverkoop regel, de museumwinkel en het restaurant run. Ben benieuwd of al die taken samengaan. Deze week al een keer meegedraaid en dat was best leuk.



Het Transportmuseum opende hier haar deuren in 2018, door niemand minder dan Koning Willem 1 en Arthur van Dijk (commissaris van de Koning in Noordholland en jarenlang de vaste Sinterklaas op onze scholen Tovercirkel en Merlijn). De energieke Willem, ook wel ‘koning-koopman’ genoemd, spant zich tijdens zijn koningschap met name in om de economie weer tot bloei te brengen, na de Franse overheersing en de val van Napoleon. Hij doet dat door in de drie delen van zijn koninkrijk – het Noorden, het Zuiden en de kolonie Nederlands-Indië – de sterke kanten van de economie te stimuleren. Het Zuiden, het huidige België, waar al vroeg een industriële revolutie heeft plaatsgevonden, moet zich richten op de productie van consumptiegoederen. De handelaren uit het Noorden, het huidige Nederland, moeten die producten vervolgens de wereld over brengen. En de inwoners van de kolonies ten slotte moeten de kostbare tropische goederen leveren. Willem I laat tussen Noord en Zuid kanalen en wegen aanleggen om het goederenvervoer te vergemakkelijken. Zelf treedt hij ook op als investeerder. Voor de handel met Nederlands-Indië richt hij in 1824 de Nederlandsche Handel-Maatschappij op. Ook wordt daar het cultuurstelsel ingevoerd: een systeem dat de lokale bevolking verplicht een deel van het jaar op het land te werken voor het koloniale bewind. Op die manier wordt Indië een wingewest dat de economie van het vaderland er weer bovenop moet helpen. De producten worden door de Nederlandsche Handel-Maatschappij verkocht.



De historie van het museum begint echter al op het Hembrugterrein in Zaandam. Sinds 2012 werkten daar gepassioneerde vrijwilligers aan herstel, conservering en presentatie van mobiel erfgoed waaronder militaire voertuigen, historische bussen en kleine vliegtuigen. Wanneer het terrein echter verkocht gaat worden, verhuist het geheel naar Nieuw Vennep en wordt de Stichting Nederlands Transportmuseum opgericht. Op het Lucas Bolsterrein werd tussen 1969 en 1997 likeur gedistilleerd. Vervolgens maakte vliegtuigfabriek Fokker tot 2013 gebruik van de hal voor technische en logistieke nazorg en opslag van reserve-onderdelen. Doelstelling van de stichting is het verzamelen, beheren, behouden en tonen van een collectie objecten die een afspiegeling is van de Nederlandse transportgeschiedenis aan een breed publiek. Wil je meer weten, kijk dan eens op de site.

https://nederlandstransportmuseum.nl
Nieuw Grittertje onderweg: Leuk bericht van oudste zoon Jeroen. Wij worden voor de zevende keer opa en oma. Officieel eigenlijk voor de vijfde keer, maar Jeroen heeft, naast zoon Tim (15) en dochter Zoë (deze week 6) ook nog de twee lieve pleegdochters Mardjali (15) en Lila (18). Dochter Masha heeft twee zoons, Thijmen (15) en Bastiaan (12) Het nieuwe Grittertje wordt begin december verwacht.
Onze Icky: Wij hebben al ruim 13 jaar een Turkse Van. Voor wie geen idee heeft wat dat is: Dat is een kat. Hij luistert naar de naam Ikinci Pembe Pasa Marmaris’Den. Die naam lag al vast in de stamboom. Wij noemen hem kortweg Icky. De originele Turkse Van is geheel wit van kleur en heeft twee verschillende kleuren ogen. De Europese is overwegend wit met een langharige vacht, een grote gekleurde vlek of vlekken op de kop, een gekleurde staart en enkele kleine vlekjes op de staart. Het origineel komt voor als huisdier rond het Vanmeer bij de berg Ararat in Oost-Turkije. In de jaren vijftig zijn een aantal van deze dieren door twee Engelse toeristen mee teruggenomen naar Engeland. Eén van hen is ermee begonnen te fokken. Vanuit Engeland verspreidde het ras zich langzamerhand over de gehele wereld.
Wij kregen Icky via een vriendje van Jasper op de basisschool. Diens moeder had een cattery. Toen ik Jasper een keer ophaalde, trof ik een huiskamer vol dieren aan. Veel katten, een hond, een papegaai en nog wat ander rondlopend spul. Ergens hoog op een plank zat een zielig gestressed wit katertje van net 9 maanden oud. Ik was meteen door het beestje gegrepen. De moeder van het vriendje vertelde dat hij bang was van alle andere katten. En…als ik hem leuk vond, mocht ik hem wel meenemen. Dat wilden Jasper en ik wel. Ik had al meer katten gehad in mijn leven voor Joyce. Ik heb daar eerder al eens een blog over geschreven. Wij namen het beestje mee naar huis. Enige punt was nog wel de reactie van Joyce. Die was niet zo van de katten. Haar reactie was dan ook afkeurend, vooral vanwege de lange witte haren die Icky overal achter liet. Wanneer je een kat in huis neemt, is het verstandig om het diertje te laten wennen aan zijn/haar nieuwe woonomgeving. Anders is de kans op weglopen aanzienlijk. Icky zat dus hele dagen binnen. Na een week riep Joyce: “De kat eruit of ik!” Oeps!! Jasper en ik besloten om Icky een snelcursus “wennen aan je woonomgeving” te geven. We kochten een riempje en lieten hem aangelijnd dagelijks vele malen uit rond ons huis, daarbij de cirkel steeds vergrotend. Het leverde meewarige blikken op van mensen die ons zagen lopen. Wij hadden echter een noodzakelijk doel voor ogen. Na een week lieten wij hem op goed geluk los met ons meelopen en Icky bleef zowaar bij ons. De volgende stap was om hem geheel zelfstandig de deur uit te laten lopen. En…zowaar, hij kwam ook weer terug. Joyce kon er vanaf dat moment gelukkig beter mee omgaan en al vrij snel kon ze niet meer buiten hem. Icky is in de loop der tijd een echte buitenkat geworden. Turkse Van katten worden ook wel de hondjes onder de katten genoemd. Ze zijn heel vriendelijk en trouw, hangen (figuurlijk) aan hun baasjes, houden ervan om bij je op schoot te zitten en te knuffelen, ze zijn dol op water (ze zwemmen) en “praten” tegen je. Na een tijdje begrijp je echt wat ze bedoelen. Een korzelige mauw wanneer je hem te lang buiten in de regen hebt laten staan, een liefdevolle mauw wanneer het etentijd is, een begroetende mauw wanneer hij je ziet, een betekenisvolle mauw wanneer hij naar buiten wil, etc. Kortom, wij kunnen met elkaar communiceren.


Nu Icky inmiddels richting 14 jaar gaat, krijgt hij last van slijtage. Bij de jacht op muizen, vogels en eenden heeft hij de nodige tanden verloren. Alleen paté en zachte brokjes krijgt hij nog weg. Ergens opklimmen gaat steeds moeilijker en ergens vanaf springen, levert soms een pijnlijk gemauw op. Maar ook het verzorgen van zijn lange vacht geeft steeds meer problemen. Daarom wordt hij nu iedere drie maanden getrimd. Deze week was het weer zijn beurt. Ongelooflijk hoeveel haar er dan afkomt. De eerste keer moest hij vanwege vervilting en klitten heel drastisch helemaal geschoren worden. Dat zag er nogal lachwekkend uit. Icky vond dat zelf waarschijnlijk ook, want hij keek ook echt of hij zich enorm geneerde. Vonden wij best sneu.

Mooie Quotes:
“Wie niet wil meewerken aan de oplossing, is onderdeel van het probleem”.
“Beter onder aan de ladder beginnen, dan halverwege een ladder die je niet op wilt”.
Museumwerk: Het onderdeel ‘gasten ontvangen’ is een bijzondere ervaring. Een groot deel van het publiek is niet de doorsnee museumbezoeker. Veel mensen hebben een achtergrond in of hobby rond het transportwezen. Zij weten vaak de bijzondere details. Van hun verhalen leer ik als gids in wording. Maar er was ook een wat ouder echtpaar met een achtergrond in de zorg. Zij verzorgen maandelijks een leuke dag voor mensen met een verstandelijke beperking. Dit keer hadden ze Nico, een man van rond de vijftig, meegenomen naar het transportmuseum, omdat hij zo dol was op o.a. vliegtuigen. Ik bood ze aan om een korte rondleiding te geven na hun eigen vrije ronde. Gasten mogen uitsluitend onder begeleiding binnenkijken in een DC 2 (zustertoestel van de Uiver), plaatsnemen in de cockpit van een Franse jager en nader kennismaken met de bus van Wubbo Ockels. Ik heb bij alle drie een mooi geschiedenisverhaal voorbereid. Het drietal vond het prachtig. Op het einde maakte ik nog een fotootje van ze terwijl ze uit de DC 2 stapten. Vonden ze helemaal geweldig. Die werden meteen naar de tante van Nico doorgestuurd. Tenslotte had ik nog een paar posters voor Nico. Ze waren zo dankbaar en riepen hoe lief ik voor ze was. Het ontroerde mij. Kijk daar doe je het voor en dat geeft voldoening. Dat rondje heb ik deze week inmiddels meerdere keren met gasten gemaakt en zonder uitzondering vinden ze het binnenkijken in de DC-2 toch wel de kers op de taart. Vooral die foto in de deuropening.



Dolly Dots: Joyce ging naar Carré voor de afscheidstournee van de Dolly Dots. Het was een dolle uitgelaten sfeer te zijn geweest in Carré.

Joyce Klok: Had ik overigens al eens verteld dat Joyce een deel van de talenten van Hans Klok bezit? Joyce kan sleutels en pasjes die ze het ene moment nog in haar hand heeft of in haar tasje of zak stopt, zomaar spoorloos laten verdwijnen. Echt een talent waar zelfs ik niets van begrijp. Ze moet alleen nog even oefenen op het tweede deel van de truc, namelijk het terug toveren. Nu betekent het meestal dat ik onderdeel van de act word en sleutels moet bijbestellen of pasjes moet blokkeren. Gisteren oefende Joyce haar verdwijntruc in de bus van Amsterdam naar Nieuw Vennep, waarna haar OV kaart spontaan was verdwenen. Een schuldig belletje naar mij volgde. Toen ik de pas wilde blokkeren bleek de OV-site er, vanwege onderhoud, uit te liggen. Gelukkig achteraf want de kaart kwam, eenmaal thuis, tevoorschijn uit een verborgen vakje. (toch Hans Klok trucje) Er was in de bus echter nog niet uitgechecked, dus dan lopen de kosten door. De website die daar voor is, bleek echter ook uit de lucht. Toen leek het ons een goed idee om, in het inmiddels middernachtelijk uur, een bus aan te schieten op dezelfde lijn. Deze lijn rijdt namelijk dag en nacht door. Wij dus weer naar het dorp. De eerste chauffeur die wij troffen, vertelde dat je alleen kan uitchecken in dezelfde bus. Tja! Die was al weg. “Maar”, zo voegde hij eraan toe, “het kost u maximaal € 4,- en dat is waarschijnlijk goedkoper dan on-line uitchecken voor de door u gemaakte rit vanuit Amsterdam. Hoewel ik dat eigenlijk niet had mogen vertellen”. Je hebt dus ook behulpzame chauffeurs.
