Voor een volledig beeld open je mijn blog vanuit je mail door op de titel te klikken. Klik op foto’s om ze helemaal te zien. Er opent een nieuw venster met pijltjes naar links en naar rechts.
Oeps: Een dag te laat met mijn wekelijkse blog. Ons reisje naar Barcelona dit weekend, zorgde ervoor dat ik de deadline niet haalde. Ons programma was zo vol, dat wij van de vroege ochtend tot middernacht actief waren. Vandaag even de achterstand ingehaald. Ik beperk mij deze week tot de trip naar Barcelona.
BARCELONA dag 1: om 3.00 uur in de nacht staan wij andermaal bij een koude en winderige bushalte in ons dorp. Eigenlijk veel te vroeg, maar precies tussen 2.00 en 5.00 uur is de dienstregeling sinds december behoorlijk uitgekleed. Het is zoals het is. Om 3.30 uur zitten wij in de vertrekhal op Jasper en Claudia te wachten. Afspraak is 4.00 uur, maar dat wordt pas tegen 4.30 uur. Zij komen op de fiets naar Schiphol en moeten die verderop eerst stallen. Dan begint het wachten tot 6.00 uur wanneer de gate op gaat. Het toestel is stampvol, dus kennelijk willen meer mensen in dit jaargetijde naar Barcelona. De vlucht was kort en om half negen stonden wij al op een koud vliegveld (3 graden) van Barcelona.


Jasper regelt kaarten waarmee wij drie dagen onbeperkt met het openbaar vervoer kunnen reizen. Overigens sowieso handig om Jasper kaartjes te laten regelen, want hij weet ze overal met korting te bemachtigen. Oké, soms moeten wij daar digitaal voor even de Spaanse nationaliteit aannemen (50% korting). Met de metro richting Sagrada Familia waar ons appartement ligt. De temperatuur is inmiddels een stuk aangenamer en en het zonnetje schijnt. Koffertjes neergezet en de stad in voor een terrasje. Daarna treffen wij Antonio, de gids die ons een rondleiding geeft door de ‘Barri Gòtec’ (Gotische wijk), het oude centrum van de oude stad (‘Ciutat Vella’), van Barcelona. Een labyrint van kleine straatjes die uitkomen op de bekende pleinen van Barcelona. De straatjes zijn zo smal dat er overal bordjes hangen die de richting aangeven voor het verkeer met paarden in vroeger tijd. Je vindt er eeuwenoude gebouwen, die soms nog dateren uit de Middeleeuwen en de Romeinse tijd. Voorbeelden: de resten van de tempel van keizer Augustus, het Palau Reial (koninklijk Paleis) waar Columbus na zijn terugkeer uit Amerika werd ontvangen door Koning Ferdinand II van Aragon en Isabelle I van Castilie, de kathedraal van Barcelona en een pleintje waar een schooltje is gevestigd. Spelende schoolkinderen op zo’n binnenpleintje oogt vreemd. De gevel van het gebouw zit bovendien vol kogelgaten. In de 2e wereldoorlog schuilden hier kinderen. Het gebouw werd echter beschoten en de kinderen overleefden het niet. Naast het schooltje was een klein ziekenhuis, waar Gaudi zijn laatste adem uitblies nadat hij onder een tram was gekomen. Een pleintje met een geschiedenis dus. Jasper kust de schildpad op de brievenbus in de gevel van het middeleeuwse paleis Casa de l’Ardiaca (huis van de Aartsdiaken = plaatsvervanger bisschop). Deze brievenbus is versierd met zwaluwen, klimop en een schildpad. Het is een verwijzing naar het verleden van dit gebouw als College van advocaten van Barcelona. Het laat zien hoe het recht werkt. Hoewel het snel als de zwaluwen zou moeten zijn, is het vanwege de bureaucratie (klimop) eigenlijk zo traag als een schildpad. De schildpad kussen betekent een goed, lang en gelukkig leven.
Joyce oefent, net als altijd wanneer wij in het buitenland zijn, weer haar hobby uit. Hardop uitspreken van allerlei Spaanse woorden die zij op gevels, winkels en billboards ziet staan. Ik schreef er al eens eerder over. Ik moet altijd lachen om die spontane kreten. Al moet ik wel steeds aan mensen in bus of metro uitleggen dat het spontaan gedrag is en geen gevalletje Gilles de la Tourette.














Aansluitend neemt Antonio ons mee naar een tapas restaurant voor een glas champagne. Wij doen ons tegoed aan diverse tapas gerechten als gegrilde aubergine, tortilla, pittige kipkluifjes en gegrilde Chipirones (inktvis). Daarna wandelen wij de Ramblas af, langs de haven en bezoeken het erotisch museum. Veel kunstwerken, prenten en attributen die de geschiedenis van de erotiek wereldwijd weergeven. Ik dronk er beschaafd een biertje met Pablo Picasso, terwijl Joyce zich daarentegen enthousiast uitleefde met een heel ander kunstwerk. Ja, je let even niet op en mevrouw springt uit de band. Afsluitend heerlijk eten bij een gezellig restaurantje.




BARCELONA dag 2: We trappen af met een heerlijk ontbijt in een broodjeszaakje naast ons appartement. Daarna met de metro naar Casa Batlló. In 2016 bezochten wij al Casa Milà, dus nu opnieuw een prachtig bouwwerk van Antoni Gaudi. Het is gebouwd in 1877. Het pand werd door Gaudi verbouwd tussen 1904 en 1906 voor de textielmagnaat Josep Batlló i Casanovas. Net als bij het even verderop aan dezelfde straat gelegen Casa Milà is hier niets hoekig: alles is golvend en afgerond net als de golven van de zee. De voorgevel is bedekt met mozaïek die doet denken aan de schubben van een vis. De zuilen op de gelijkvloerse verdieping lijken wel de poten van dinosaurussen en het golvende dak van mozaïek de ruggengraat van een enorm monster. De balkons lijken enorme kaken van zeedieren, die als het ware uit de zee ontspringen. Het centrale thema is van de drakendoder Sint Joris. Sinds 1995 is Casa Batlló het eigendom van de familie Bernat. De geschatte waarde van dit pand bedraagt zo’n 70 miljoen euro. Middels de geluidstour wordt elk detail uitgelegd.







Na deze cultuur explosie steken wij de weg over naar een rooftopbar voor een drankje. Prachtig uitzicht over de stad, zonnetje en achter het glas. Heerlijk. Oké, biertje kost er € 9,–, maar dan krijg je er wel heerlijke olijven en nootjes bij. En zijn de schaaltjes leeg, dan worden onmiddellijk nieuwe neergezet.


Volgend reisdoel is Parc Guell, wederom een schepping van Gaudi. De tot de adelstand verheven industrieel Eusebi Güell gaf Gaudí in 1900 de opdracht voor de aanleg van een tuindorp of woonwijk. Dit werd geen succes: er werden twee huizen gebouwd en ook verkocht. In een van die huizen trok Gaudí in. Barcelona toonde als stad geen interesse voor dit megaproject. Gaudí nam toen de opdracht aan om zijn idee over een op de natuur geïnspireerde architectuur vorm te geven. Hij dacht aan een recreatiepark, terwijl Güell aan een tuinstad dacht. Güell deed inspiratie op tijdens zijn buitenlandse reizen, waarbij hij de Engelse landschapstuinen en de romantische tuinarchitectuur bewonderde, vandaar het Engelse “park”. Dit leidde tot met gesteente bezette pergola’s, harmonieus in het landschap geïntegreerde trappen, paden en golvende, veelkleurige, mozaïekversieringen, waarmee Gaudí zijn sociale engagement laat zien. Markante onderdelen zijn de ingang met portiersloge en portierswoning, het hek, de zuilengalerij, de dubbele trap met Salamander – bekend als “El Drac” (De Draak) – en de zitbank. Zowel de zitbank als de Salamander bestaan uit ontelbare mozaïekstukjes. Claudia vertoonde een kunstje met haar lenige lijf, terwijl wij als wat minder gespierde familieleden eenvoudig verstoppertje speelden.







Na dit bezoek tijd voor een heerlijke maaltijd in restaurant ‘El Clot’, waar voor Joyce, Claudia en mij andermaal de tapas op het menu staat. Jas kiest dit keer voor de Paella. De duisternis is inmiddels een feit, maar wij zijn onvermoeibaar en wandelen naar ‘La Torre Glòries’, voorheen bekend als de ‘Torre Agbar’. De oorspronkelijke naam, Torre Agbar, is afgeleid van ‘Aguas de Barcelona’, het Spaanse waterleidingbedrijf dat in de toren gevestigd is. De toren is ontworpen door de Franse architect Jean Nouvel. De toren is 144,4 meter hoog, telt 38 verdiepingen en heeft de vorm van een cilinder die vanaf de 26e verdieping overgaat in een koepel. De buitenwand is volledig bedekt met aluminium zonweringen van 120 bij 30 cm. Overdag weerkaatsen deze het zonlicht en ’s nachts worden ze door ledlampen verlicht. Doordat de toren omringd wordt door een greppel lijkt het net of hij vanuit de grond omhoog is geschoven. Om de toren goed in de stad te laten passen, liet de architect zich door een aantal typisch Barcelonese objecten inspireren. Zo lijkt de toren enigszins op de klokkentorens van de Sagrada Familia en heeft hij iets van de toppen van de berg Montserrat. Daarnaast ziet hij eruit als een blauwe waterstraal die uit de grond omhoog komt, wat weer van toepassing is op het waterleidingbedrijf dat erin gevestigd is. De toren heeft ook wel de bijnaam ‘fallus van Barcelona’. Wij nemen de lift naar de 18e etage van het naastgelegen Novotel om vanaf het rooftopterras de toren en de achterliggende stad te zien.
Nog is de dag niet om, want Jasper en Claudia nemen ons mee naar een cocktail bar voor een heerlijke Mojito. Het is rond middernacht wanneer wij ons appartement weer bereiken. Wat een mooie en goedgevulde dag.






BARCELONA dag 3: En dan is alweer de laatste dag aangebroken. Opnieuw een vol programma. De zon schijnt uitbundig. Na opnieuw een uitgebreid ontbijt van luxe broodjes beginnen wij bij de drukke Plaça d’Espanya, ontworpen door o.a. Josep Puig i Cadafalch. Je komt zijn naam, net als die van Gaudi veelvuldig tegen in Barcelona. De gebouwen rond het plein stonden centraal tijdens de wereldtentoonstelling in 1929. Tot 1977 werd de grote arena op het plein gebruikt voor stierengevechten. Nu is het een winkelcentrum. Je vindt er het Palau Nacional, waarin het Museu Nacional d’Art de Catalunya is gevestigd. Wij slaan, gezien het mooie weer en ons volle programma, een bezoek over. De twee Venetiaanse Torens die het begin van de promenade flankeren zijn 47 meter hoog. In het midden van de verkeersrotonde, waar verschillende grote verkeersaders samenkomen, staat de fontein van Plaça d’Espanya. Dit monument, het werk van Josep Maria Jujol, is een eerbetoon aan de wateren van Spanje. Beeldhouwer Miquel Blay wilde de Atlantische Oceaan, de Middellandse Zee, de Cantabrische Zee, de Ebrodelta en diverse Spaanse rivieren uitbeelden met beelden van kinderen, jongeren en ouderen. Helaas deden de fonteinen het niet tijdens ons bezoek. De drie zuilen op het plein staan symbool voor religie, kunst en heldendom. Via het museum kom je bij de Montjuïc, een heuvel tussen Plaça d’Espanya en de haven van Barcelona. Op de heuveltop staat het kasteel van Montjuïc, een 18e-eeuws kustverdedigingsfort. Je vindt er het Olympisch dorp van de Olympische spelen in 1992. Wij lopen verder naar ‘El Poble Espanyol’ (Spaans dorp), een dorp dat je, qua stijl, nergens in Spanje zult aantreffen. Het is namelijk een openluchtmuseum waar alle bouwstijlen uit heel Spanje zijn gecombineerd. Het dorp werd gebouwd voor de Wereldtentoonstelling in 1929. Het was de bedoeling dit Spaanse dorp na afloop van deze expositie weer af te breken. Zover is het nooit gekomen, omdat het dorp erg in trek was onder de lokale bevolking en toeristen. We bezoeken er de verschillende winkeltjes met ambachtelijke kunst, kleine galleries en natuurlijk een plaatselijk taveerne.


















We pakken aan het eind van de middag de bus richting kabelbaan. Deze kabelbaan vervoert je van de Montjuïc, over de haven naar het strand. De cabine wordt gevuld met veel te veel toeristen en we zitten een beetje als haringen in een ton. Maar het is wel een erg leuke ervaring. We puffen een half uurtje uit aan het strand. Nog een wandeling over de boulevard en dan met de bus terug naar ons appartement. Koffers ophalen en met de metro terug naar het vliegveld van Barcelona. Wel wat vertraging. Rond 1.00 uur ’s nachts nemen wij afscheid van Jasper en Claudia. Wat was het gezellig met z’n viertjes. Heerlijke gesprekken en veel gelachen. Zij stappen op hun fietsen terug naar Amsterdam, wij hebben net de bus van 1.00 uur gemist en moeten wachten op die van 2.00 uur. Maar, gelukkig ziet Jasper hem nog net op de halte voorbij het stationsgebouw van Schiphol staan. Hij spreekt de chauffeur aan en deze belooft ons alsnog verderop op te pikken. Wat een service. Doodmoe storten wij om 2.00 uur ons bedje in, om er pas de volgende dag om 12.00 uur uit te komen.
Tot volgende week.
