Watsgeburt
Epe: In mijn vorige blog beloofde ik over onze avonturen in Epe te vertellen. Het heeft iets langer geduurd omdat een hartinfarct zand in de schrijfmachine strooide. Op uitnodiging van onze vrienden Henk en Lia uit Epe reden wij de laatste week van april hun kant uit. Een heerlijk verblijf op de boerderij stond ons te wachten. Het weer beloofde mooi te worden. Mijn dialyse kon ik in die periode voortzetten in het Isala ziekenhuis in Zwolle. Mooi dat vakantiedialyse reizen toch mogelijk maakt.


Keizersnee: de eerste avond van ons verblijf viel precies samen met een bevalling op de boerderij. Henk heeft zo’n 35 dikbil-koeien en een paar daarvan bleken op dat moment hoogzwanger. Eentje stond op het punt van bevallen. Dikbil vee bevalt bijna nooit op de natuurlijke manier. Door hun dikke billen is er te weinig ruimte voor de geboorte van een kalf. De dierenarts biedt dan hulp middels een keizersnee. De betreffende dierenarts bleek een vrolijke man die mij stap voor stap uitlegde wat hij deed. Eerst scheren, daarna een hele fles verdoving inspuiten en dan snijden door de huid, spierlaag en vliezen. De snee wordt precies achter de maag gemaakt, zodat de pens als een soort buffer het inwendige van de koe op zijn plaats houdt. En dan is het gewoon de armen in de koe steken en aan de poten van het kalf trekken. Binnen een paar minuten ligt het kalf op de grond en wordt de opening gehecht. Het is een prachtige ervaring geweest. Hieronder wat plaatjes en een filmpje van de geboorte..












Fietsen: Tijdens ons verblijf pakten wij weer dagelijks de fiets. Koningsdag bekeken wij in Epe en Heerde. Prachtig weer, vrolijk verklede mensen, volle terrasjes en kermissen waren het beeld. Uiteraard maakten wij een tocht over de heide en door de bossen en via een mooi landschap reden wij naar Apeldoorn. Ik merkte wel dat een tochtje van 40 km mij dit keer zwaar viel. Ik haalde het maar net, met de nodige pauzes. Een voorbode van wat ging komen.







Eten tot besluit: Vanwege andere verplichtingen sloten wij onze week in Epe af met een heerlijk etentje. Het was weer genieten bij Henk en Lia. Mooie verhalen van Henk over het boerenleven, de warme belangstelling en hartelijkheid van Lia en onze openhartige gesprekken die wij iedere keer weer voeren. We hadden het voornemen om half mei terug te keren. In het Isala ziekenhuis in Zwolle was de dialyse opnieuw geregeld. Het zou iets anders lopen.



Grapje: Voor de grap lieten wij ChatGPT er nog even op los.




Reunie kleuterleidsters: Daags na onze thuiskomst bezocht Joyce de bijna jaarlijkse reünie van de kleuterleidsters. Ooit een flink gezelschap maar inmiddels aanzienlijk uitgedund. Allemaal krasse knarren die weer het nodige hadden meegemaakt sinds vorig jaar. Joyce paste er met haar inmiddels grijze koppie helemaal tussen. (Ha, ha: ik zal door deze opmerking wel een nachtje op de bank moeten slapen)


Jan en Hans: Opnieuw ontvielen ons weer wat bekende figuren in de personen van Jan Terlouw en Hans Wiegel. Het is toch altijd weer even zo’n schrikeffect. Twee iconen uit de politiek die ooit mijn warme belangstelling hadden. Met name Hans Wiegel ben ik door de jaren heen blijven volgen via zijn column in de Telegraaf. De man had zo’n humor en was altijd zo helder in zijn bewoordingen. Mijn vader had als PvdA man een grondig hekel aan hem, maar ik was als VVD-er een vurig aanhanger van Hans. In de pers en op tv mooie anekdotes over beide heren. Eentje van Hans Wiegel vond ik om te gieren.
Koningin Juliana had bedacht bij haar troonsafstand een grote groep gevangenen gratie te verlenen. Wiegel, toen vice-premier, reed naar paleis Soestdijk om de vorstin op andere gedachten te brengen. “Majesteit, als we alle gevangenen nou een taart sturen ter gelegenheid van de troonsafstand”, stelde hij voor. Daar had Juliana wel oren naar. “En we laten op die taart zetten: En nog vele jaren!”
Ook de Paus verruilde het tijdelijke met het eeuwige. Ook al heb ik er verder niks mee, het is toch altijd een heel bijzonder circus. En is de begrafenisceremonie achter de rug dan volgt het hele circus met de de afsluitende witte rook en de zin: ‘Habemus Papam’ – we hebben een Paus). Ik heb nog een poging gewaagd. Best aardig toch? Maar de keuze viel toch op ene Leo.

Nieuw buren: Toen wij twee jaar terug een nieuwe tuinset kochten bij Kees Smit, kregen wij een mooi hard houten nestkastje cadeau. Mocht ook wel voor die prijs, maar dat terzijde. Het nestkastje lag een jaar in onze schuur te wachten op een plekje in onze tuin. We hadden toen nog onze kat Icky en dat was een vogeljager. Dus leek het ons niet zo’n goed idee om het kastje op te hangen. Vorig jaar was Icky er inmiddels niet meer en kreeg het nestkastje een plek aan de schuur. De eerste koolmezen die het bezochten vlogen wel een paar keer belangstellend in en uit, maar er werd geen nest gemaakt. Operatie mislukt, dachten wij. We lieten het kastje hangen en in het voorjaar trok er een koolmezen stel in. Het bleek echter van korte duur. Na een tijdje werd het stil en keerden de mezen niet terug. Toen wij het klepje optilden was er wel een nest gemaakt, maar dat was leeg. Na weer een paar weken kwam er een nieuw wezenpaar de boel verkennen. En zowaar, ze begonnen met het voltooien van het nest. Dagenlang vlogen ze onvermoeibaar af en aan met materiaal. De laatste tijd werden vooral vliegjes en dergelijke aangevoerd. En toen klonk er afgelopen week ineens vrolijk gepiep uit het nestkastje. Er waren kennelijk eitjes uitgebroed. Zo jammer dat wij verzuimd hebben een cameraatje te installeren. Mijn goede Vlaamse onderwijskennis Luk Dewulf heeft wel zo’n cameraatje in zijn nestkastje en via Facebook zijn wij elk jaar getuige van het hele proces van nest tot uitvliegen. Cameraatje installeren is alvast een voornemen voor volgend jaar. Dit jaar alleen filmpje van de buitenkant.
Infarct: Vorige keer vertelde ik al over de onwil van de cardioloog om mijn hartprobleem te bekijken. Via een nieuw toegewezen cardioloog kreeg ik een extra pilletje waarmee het wel opgelost zou worden. Niet dus. Ik zat op dinsdagavond 6 mei rustig tv te kijken toen ik enorme kramp in mijn linkerarm kreeg. Had ik wel eerder al gehad, maar dan trok het weer weg. Dit keer echter niet. Joyce kwam aangerend met mijn puffertje met nitroglycerine. Drie pufjes onder de tong verder, gebeurde er nog niks. Dan maar 112 bellen en niet veel later kwam een ambulance met gillende sirene onze straat ingereden. Altijd leuk voor de buren in de nachtelijke stilte. Apparatuur aansluiten en met spoed naar het Spaarne ziekenhuis in Haarlem. Een vierde pufje in de ambulance bracht gelukkig wel opluchting. Die nacht werd er verder onderzoek gedaan via het bloed. Bij een hartinfarct komt er een bepaald enzym vrij in je bloed. Wanneer de hoeveelheid van dat enzym bij volgende bloedafnames toeneemt, dan weet men zeker dat het een infarct is. Dat bleek bij mij zo te zijn. De volgende dag lag ik op de hartbewaking en kon ik een beetje bijkomen van mijn nachtelijke avonturen en slaaptekort. Voor de donderdagochtend stond een rit per ambulance naar het Onze Lieve Vrouwen Gasthuis Oost in Amsterdam op het programma. Daar wachtte mij een katherisatie. Dat laatste kon ook wel in het Spaarne, maar dotteren en een stent plaatsen kon daar niet. Dus was het OLVG de beste optie. Gezellig kletsend met een ambulancebroeder die naast dat werk ook makelaar was (bijzondere combinatie), bespraken wij onze zoektocht naar een levensloop bestendige woning. Het hartcentrum van het OLVG bleek gevestigd in een gezellige ronde loungeruimte. Bureaus in het midden, een stuk of tien hokjes met bedden langs de wand en een soort huiskamer er tegenover. Bijna leuk als het niet zo ernstig was. Elk hokje werd bewoond door een patiënt die net gedotterd was. Mijn voorland dus. Na wat administratieve dingetjes werd ik opgehaald voor de ingreep. Mijn pols werd verdoofd terwijl ik op een operatietafel lag. Daar zou de katheder ingevoerd worden in een slagader. Ik kon meekijken op een groot scherm en vragen stellen aan de cardioloog. Toen ik hem vroeg hoe lang de katheder er over zou doen om van mijn pols naar mijn hart te komen, was het antwoord ’10 seconden’. Kennelijk één rechte snelweg zonder ingewikkelde bochten en afslagen. Ik voelde er verder niks van. Het kan voorkomen dat je slagader samentrekt door de katheder en dat er pijnlijke weerstand optreedt, maar bij mij gelukkig niet. Ook het dotteren van de afgesloten kransslagader merkte ik niks van. Het opblazen van het dotter ballonnetje geeft vaak het gevoel dat vergelijkbaar is met een infarct, maar ook dat bleef uit. Vervolgens werd een stent geplaatst. Een buisje van roestvrij staal gaas. Tijdens het katheteriseren bleek dat ook een tweede kransslagader verstopt zat. Ik had dus al eerder een zogenaamd ‘stil-infarct’ gehad. Waarschijnlijk was dat in december toen ik ook met spoed was opgenomen. Toen echter had het hartfilmpje niks aangetoond. Wel was ik sinds die tijd erg moe en dat is een symptoom van een stil infarct. Die tweede verstopping kon niet meteen verholpen worden. De 5 juni ga ik dus op herhaling. Dan wordt er vanuit lies en pols gekatheteriseerd. Bijzonder was wel dat mijn hart vanuit de kransslagader die nu was geopend (na het stil infarct in december) zelf een by-pass had gemaakt naar die verstopte kransslagader. Dat komt in zeldzame gevallen voor. Joyce riep later: “Wat heb jij toch een bijzonder sterk lichaam”. Daardoor had ik er, behalve wat vermoeidheid, de afgelopen maanden weinig van gemerkt. Na de uitleg van de ingreep met filmbeeld werd nog even de klemband om mijn pols gecontroleerd. Jammer genoeg werd de klem per ongeluk wat losser gemaakt, waardoor er een enorme onderhuidse bloedbobbel verscheen. Gevolg een gezwollen zwarte hand en een bloeduitstorting tot voorbij mij elleboog. Daardoor vier uur met een armklem en drukverband platliggen. Alsof arm en hand op het punt staan uit elkaar te spatten. Brrrr. De ambulance die mij zou terugbrengen liet op zich wachten en arriveerde pas om half tien ’s avonds. Te laat om de aansluitend geplande nierdialyse nog te doen. (contrastvloeistof zo snel mogelijk verwijderen om verdere nierschade te voorkomen). Dat gebeurde daarom de volgende morgen vroeg en toen mocht ik alweer naar huis. Ik moest nog even denken aan mijn moeder die jaren geleden tot twee keer toe door een infarct werd getroffen. Toen nog geen stent maar een open hart operatie en het plaatsen van meerdere aderen als bypass. Herstel in toevallig ook in het OLVG duurde een paar weken. Ik ging gewoon een dag later naar huis alsof er niks gebeurd was. Bijzonder. Het enige is dat ik een paar weken de arm moest ontzien en vier weken geen auto mag rijden. Mijn andere arm mocht ik vanwege de dialyse-shunt al niet belasten, dus dat waren een paar rustige weken. (ha, ha) En…om de stent te laten ingroeien moet ik een jaar lang een pil slikken die het stollen van mijn bloed verhinderd. Erg lastig wanneer je een wondje hebt, merkte ik daarna. Dat blijft gewoon twee dagen bloeden.




Theater en film: Een paar dagen later zaten wij alweer in het theater voor Motel Westcoast, een theaterconcert van de band van Sieb van der Ploeg. “Jij nu al hier”, riepen twee eveneens aanwezige kennissen verbaasd. Het werd een heerlijk voorstelling met voor de pauze nummers van Fleetwood Mac en na de pauze ging het van Toto tot The Eagles. Mijn verjaardag op 17 mei verliep dit keer rustig. Het plan was om te gaan skydiven in Utrecht, maar dat heb ik maar even uitgesteld. Het werd spelletjes doen met mijn broer en schoonzus. Ook gezellig. Daags daarna naar de bios voor Mission Impossible-Dead Reckoning Part Two. Een bijna drie uur durend vervolg op deel één van twee jaar eerder. Geweldige film met Tom Cruise. Ga ze allebei zien als je van actie houdt. Kan wedijveren met James Bond.

Van de meerster en de juf: Ter lering en vermaak

Nieuwe knie: Op medisch gebied doorstaan wij samen heel wat stormen. Onze bezoeken aan het ziekenhuis zijn talrijk. Deze week kreeg Joyce groen licht voor een nieuwe knie. Of beter gezegd een halve nieuwe knie, want dat kan tegenwoordig ook. De inmiddels derde orthopedisch chirurg wilde nog even de boot afhouden, totdat hij erachter kwam dat hij naar een oude röntgenfoto keek. Gauw een nieuwe laten maken en toen was hij om. De ingreep vindt plaats op donderdag 3 juli. Komt precies uit, want dan mag ik weer autorijden na mijn tweede hart katherisatie. Aansluiten mag Joyce dat namelijk 6 weken niet. Om een beeld te krijgen van wat er gaat gebeuren hieronder een helder filmpje.
Memorylane
Zaandam: Ondanks (en misschien ook wel dankzij) onze medische avonturen, kijken wij nog steeds rond naar een ander huis of appartement. Het zoekgebied is ruim. Zo ongeveer alles wat een beetje bosrijk is of er gewoon leuk uitziet in de driehoek Amsterdam-Zwolle-Arnhem qua dorpen en plaatsen. Deze week waren wij in Zaandam om een appartement te bekijken. Net om de hoek van de straat waar ik geboren ben en de eerste zes jaar van mijn leven doorbracht. Mijn geboortehuis stond in de Veeringstraat op een steenworp van de Zaan. Bij ons om de hoek langs de Oostzijde stonden o.a. de koekjesfabriek van Verkade (waar de meisjes van Verkade werkten) en Zwaardemaker waar mengvoeders werden gemaakt. Ik herinner mij de geuren nog uit die tijd en toen ik er deze week rondliep kwamen de geuren weer gewoon bovendrijven alsof ze niet weg waren gegaan. Ik speelde langs de Zaan met mijn vriendjes. En aan de andere kant van Zaandam woonden mijn andere opa en oma op het Vissershop ook aan de Zaan. Ik verbleef ook daar vaak. Ik viste er en peddelde met mijn opblaas kano over de Zaan, vaak levensgevaarlijk tussen de grote boten door. Kortom, de Zaan speelde een grote rol in mijn jeugd. Op de plek waar Verkade stond, staan nu grote appartementencomplexen. Wel een beetje industrieel, maar daar was misschien wel overheen te komen. Het appartement aan Het Dok, zoals het adres luidde, was helemaal naar onze zin. Ruim en licht met een heerlijk terras aan de Zaan. Hele dag boten en bootjes kijken vanuit je ligstoel in het zonnetje. Privé parkeerplaatsen onder de grond. Vijf minuten lopen van het centrum met gezellige terrassen en winkels en voor ons cultureel vertier het Zaantheater. Hoe leuk zou het zijn om op de plek te eindigen waar ik mijn leven ook begonnen ben. De cirkel rond, alsof het zo moest zijn. Maar…helaas was de aanblik aan de straatzijde niet echt iets om blij van te worden. Veel beton en ingesloten door een parkeergarage. Echt jammer, maar we wisten meteen dat wij spijt zouden krijgen van een verhuizing van ons fraaie huis naar een betonblok. We kijken weer verder.


Joyce kleurt gestaag naar grijs. Ik vind het eigenlijk heel mooi. Haar angst ineens ouder te lijken is ongegrond. De jeugdige sprankeling blijft. Heb ik weer goed gemaakt wat ik hierboven schreef en hoef ik toch niet op de bank te slapen. 😉

Dat was weer een lang blog. Hoop dat je het weer met plezier hebt gelezen. Tot volgende keer.

Plaats een reactie