Parijs: Alvorens binnenkort een bezoek te brengen aan zwager en schoonzus in Spanje, stond er ook al een half jaar een weekje fietsen in Parijs op ons lijstje. Parijs hebben wij wel vaker bezocht en wij kennen alle bekende bezienswaardigheden. Het programma ‘Chansons” van Matthijs van Nieuwkerk en Rob Kemps inspireerde ons tot een anderssoortig bezoek. Het bekijken van minder bekende plekken, zoals de stoep waarop Edith Piaf is geboren, het borstbeeld van Dalida, overleden beroemdheden op begraafplaats Père Lachaise en de parken. En niet met de metro of de benenwagen, maar gewoon op de fiets. In het voorjaar was het weer steeds te nat en in de zomer te heet. Maar ook de start met de nieuwe medicatie en de vele bijwerkingen maakte een dergelijk uitstapje even onmogelijk. De nieuwe dosering verloopt echter een stuk voorspoediger en met ruim 20 graden en een lekker zonnetje was nu het moment daar om alsnog te gaan. Het voornemen was om woensdag te vertrekken. Hotel uitgezocht in Ivry sur Seine, slechts een kwartier van het Centrum, oppas voor de kat geregeld, etc. Niets stond vertrek nog in de weg. Nou ja, bijna niets. Op de valreep las ik dat ik een milieusticker voor de auto moest aanschaffen via de Franse Overheid. Levertijd 14 dagen! Snel gezocht naar een alternatief hotel net buiten de milieuzone. Dat was er, maar om nou elke dag 14 km heen en terug te fietsen naar het centrum lokte ons niet erg aan. Bijna de trip afgeblazen, totdat ik ergens las dat het kunnen overleggen van een factuur tijdelijk een oplossing kon zijn. Die factuur krijg je onmiddellijk per mail zodra je het formulier hebt ingevuld en betaald. Probleem opgelost. Eerste hotel dus dag later alsnog geboekt. Hier staat de auto onder de grond geparkeerd, dus geen agent die daar controleert of er een sticker op de voorruit zit. En inmiddels heb ik een voorlopige afbeelding van de sticker via de mail ontvangen. Kan ik wel niet opplakken, maar is voldoende bewijs om aan een boete te ontkomen.
Dag 1: Wij rijden om 9.30 uur weg uit Nieuw Vennep. Behoudens wat files rond Antwerpen kunnen wij goed doorrijden. Rond half drie belanden wij op de Périphérique. Normaal slaan wij die over, maar om Parijs in te komen, is het de enige oplossing. Het valt echter mee. Half uurtje later bereiken wij ons hotel in Ivry, een wijk in Parijs. Auto in de ondergrondse parkeergarage en de fietsen startklaar voor een eerste ritje. Wij kiezen voor Bois de Vincennes. Net boven het gebied waar ons hotel ligt. Het is een park dat qua functie een beetje doet denken aan het Vondelpark. Joggende mensen, lezen op een bankje of luieren in het gras. Buiten het park het Château de Vincennes. Rond half zeven een kleine bistro opgezocht voor een drankje en aansluitend even gewoon naar de McDonalds die er vlakbij ligt. Daarna fietsen weer op de trekhaak in de kelder en heerlijk slapen na een toch wel vermoeiende dag.







Dag 2: Vandaag gaan wij naar de oostkant van Parijs. Allereerst naar Rue de Belleville no.72. Het geboortehuis van Edith Piaf, of eigenlijk de stoep voor het huis waarop zij ter wereld kwam op 19 december 1915. Edith was de dochter van een kroegzangeres en een acrobaat. Ze werd echter opgevoed door haar grootmoeder, die in Normandie een bordeel runde. Haar echte naam was Edith Gassion, maar de nachtclubeigenaar die haar voor het eerst liet optreden in zijn theater gaf haar de bijnaam La Môme Piaf, wat zoveel betekende als ‘de kleine mus’. Piaf leidde een tragisch leven en dat klinkt door in haar bekende nummers: La vie en rose, Milord en Non, je ne regrette rien. Ze overlijdt op 10 oktober 1963 op 47 jarige leeftijd aan een interne bloeding. Haar graf is te vinden op het naastgelegen kerkhof Père Lachaise. Ons volgende doel vandaag.



Maar eerst natuurlijk even een drankje doen op een leuk terras in de buurt van de begraafplaats. Op Père Lachaise liggen maar liefst 69.000 Parijzenaars begraven. Het terrein was oorspronkelijk een landgoed, waarop een buitenhuis werd gebouwd. Later werd het een rusthuis met als bekendste bewoner pater François d’Aix de La Chaise, de biechtvader van Lodewijk XIV. In 1801 werd het aangewezen als begraafplaats en heette het Cimetiére de l’Est, omdat het bestemd was voor de bewoners van de oostelijke arrondissementen. Het terrein werd ingericht als Engelse tuin. Het was geen succes, omdat voorname mensen geen zin hadden begraven te worden in een arme volkse buurt. Na acht jaar waren er nog maar 833 graven. Om daar verandering in aan te brengen werden in 1817 de resten van enkele beroemdheden overgebracht, zoals Molière en La Fontaine. Sommigen van hen zelfs 7 eeuwen na hun dood. Binnen de kortste keren na het aantal graven toe tot 33.000. Er waren maar liefst vijf uitbreidingen nodig om de huidige oppervlakte van 43,93 hectare te bereiken. Behalve Piaf bezochten wij, naast de bovengenoemde twee schrijvers, ook Jim Morrison van The Doors. Dat is echt een bedevaartsoord, waar je de muziek hoort van de zanger. Componisten als Chopin en Bizet liggen er ook, maar wij konden ze niet vinden. Het is ook moeilijk zoeken, want het is zo groot.






Na het bekijken van veel graven fietsen wij naar I’ll de la Cité. Even een blik werpen hoe het nu met de Notre Dame gaat na de verwoestende brand van een paar jaar geleden. De torens lijken onaangetast, maar daarachter staat alles in de steigers. In 2024, net voor de Olympische Spelen, moeten de herstelwerkzaamheden klaar zijn.






Ter afsluiting rijden wij naar de Jardin des Tuileries, in het verlengde van het Louvre. Lekker in het zonnetje een uurtje bijkomen van alle indrukken. Dan terug naar het hotel en een hapje eten in de bistro aan de overkant.



Dag 3: Rob Kemps en Matthijs van Nieuwkerk bezochten de buste en het geboortehuis van zangeres Dalida (1933-1987). Beroemd vanwege maar liefst 170 miljoen verkochte platen zoals o.a. de hits Gigi l’amoroso, Darla Dirladada en Paroles, paroles. Wie kent ze niet. Aparte, wat zware stem. Ongelukkig leven. Drie van haar mannen pleegden zelfmoord en zij tenslotte ook. Piaf en Dalida worden gezien als de populairste en invloedrijkse Franse zangeressen uit de 20e eeuw. Wij bezoeken haar huis aan de Rue d’Orchampt 11B en gaan dan op zoek naar haar borstbeeld. Dat staat een stukje verderop aan de Rue de l’Abreuvoir. Het grappige van die buste, vertelde Rob Kemps, is dat iedereen even aan de borsten van Dalida zit. Kun je goed zien, want daar is het brons helder gekleurd van het vele aanraken. Uiteraard kon ik niet achterblijven en ging ik in dit gebruik mee. O jee, ik voel een ‘Me too-tje’ aankomen. Maar ik word onmiddellijk gestraft als even later een groep straatreinigers de klinkertjes gaan schoonspuiten met een speciaal goedje. Ze nemen ‘en passant’ ook even mijn fiets mee die daar aan een hek vast staat. Gevolg een wit gespikkelde fiets. Het kan eraf, maar natuurlijk nu even geen spons en water bij de hand.





Het bovenstaande is te vinden in Mont Martre. De bekende schildersbuurt met op de heuvel de van verre al zichtbare karakteristieke witte kathedraal die iedereen kent, de Sacré Coeur. Altijd leuk om daar op de trappen te zitten die over Parijs uitkijken. Vandaag was dat lastig omdat rond de kerk een ‘vreetfestijn’ plaatsvond. Nauwelijks door te komen vanwege de mensenmassa. Daarom snel weer de fietsen gepakt en nieuwe stukjes Parijs verkend, via Moulin Rouge en Centre Pompidou, eindigend in de Jardin des Plants. Een mooi park met diverse natuurmusea. Te laat om nog te bezoeken. Dan weer terug en dit keer wat te eten gehaald in de supermarkt. Onze magen zijn wat onrustig sinds vannacht. Vandaar. We hebben op onze kamer een klein keukentje, dus pannetje soep is te doen.












Fietsen in Parijs is echt leuk en goed te doen. De nieuwe (eerste vrouwelijke) burgemeester van Parijs, Anne Hildalgo wil het gebruik van de fiets bevorderen en het autoverkeer verminderen. Dat is goed te merken. In de afgelopen jaren is er 1400 km fietspad aangelegd. Drukke verkeersaders zijn slechts nog voor een derde voor de auto en maar liefst tweederde voor de fiets. Overal slingeren fietspaden langs en soms midden op de weg. Je waant je in een soort fietsparadijs. Toch moet je alert blijven, want in de stad ontstaan nog steeds verkeersinfarcten waar je als fietser (fietspad of niet) tussendoor moet laveren. En dan nog de drommen toeristen, de volle terrassen, de straatartiesten, protestmarsen en optochten. Parijs is een gekkenhuis. Maar toch, fietsen hier is echt genieten.


Dag 4: De zondag begint al leuk. Max wordt voor de 2e keer wereldkampioen. Helaas geen beelden hier in Parijs omdat de Via-play app hier niet werkt. Gelukkig kon ik het commentaar van Olaf Mol via Grand-Prix radio wel ontvangen. Weer eens een andere beleving.

Daarna weer snel op de fiets. Tocht uitgestippeld die ons langs een aantal plekken voert die ook een terugblik vormen naar mijn jeugd. Mijn oom (broer van mijn moeder) was in de 2e wereldoorlog beland in Parijs. Hij raakte daar gewond en trouwde met zijn verpleegster, een Parisienne. Als kind van 10 jaar logeerde ik voor de eerste keer bij hen aan de Avenue d’Italie. Een oud pand, waar je ‘s nachts een buitentoilet onder het pand moest opzoeken wanneer je je behoefte moest doen. Zo’n bekend voetstappen toilet, waarbij je bij het doortrekken moest oppassen dat je schoenen niet volliepen. Ik was daar als kind ‘s nachts echt spookbang. Het was mijn eerste kennismaking met Parijs. Ik heb daar op een andere plek op deze site al eens uitgebreid over geschreven. Ons eerste doel vandaag was die plek. Hoewel de panden inmiddels zijn vervangen door nieuwbouw, herkende ik de straat meteen. Bedoeling was om ook een bezoek te brengen aan de Rue de Campo Formio. De plek waar mijn oom en tante na een woningbrand naartoe verhuisden. Wij reden er per ongeluk voorbij. Dat bezoek stellen wij dus uit naar morgen. Wij vervolgden onze tocht richting Eiffeltoren. Wij zijn er in het verleden al diverse keren in geweest, maar toch even een blik werpen. Opvallend is dat het hele gebied rond de toren tegenwoordig is afgezet met grote glaswanden. Er onderdoor lopen is niet meer mogelijk, tenzij je in de toren wilt. Jammer.






Er is dit weekend werkelijk van alles te doen in Parijs. Rond de gedenknaald van de Bastille was zaterdag de boel afgezet vanwege een voorloper van de Paralympics van 2024. Ik vertelde al van de ondoordringbare mensenmassa vanwege het vreetfeest rond de Sacré Coeur, terwijl vandaag rond o.a. de Eifeltoren de 20 km van Parijs werd gelopen. Weer alles afgezet en mensenmassa’s op de been. Het tegenover liggende Trocedera stond in de steigers, zodat het anders zo fraaie fonteinenspel was uitgeschakeld. Dan maar weer verder richting Les Invalides, waar de tombe met het lichaam van Napoleon te vinden is. Daar een enorme massa skeelers die een wedstrijdje door Parijs reden. Een echt gekkenhuis. Overal sirenes van politieauto’s en motoren die om de haverklap voorbij suizen.


Onze tocht voert dan naar de Arc de Triomphe. Even een terrasje en door naar de Rue de Navarre, waar het blauwe jazz-platenwinkeltje zit, van waaruit Rob Kemps en Matthijs van Nieuwkerk iedere uitzending steeds vijf platen draaien van beroemde Franse zangers en zangeressen. De luiken zijn vandaag dicht, want zondag, maar toch leuk er even voor te staan. Door naar de woning, annex museum van Serge Gainsbourg, de zanger van het hijgnummer ‘Je t’aime, moi non plus’ samen met Jane Birkin. Het pand ziet er niet uit, maar dat paste wel bij Serge. De aantekening die Rob Kemps op de muur had gemaakt, konden wij helaas niet terugvinden.





Laatste onderdeel is de glazen piramide bij het Louvre. Joyce wilde er toch even een fotootje schieten, terwijl ze het puntje zogenaamd vasthoudt. Dat idee hebben overigens nog honderden toeristen. Dan eten in een leuk restaurant aan de Boulevard Austerlitz.






Het is al donker wanneer wij ons hotel bereiken. Een volle dag en ook de op één na laatste dag. Het is ongelooflijk hoeveel je van Parijs ziet, wanneer je de fiets pakt. Inmiddels in vier dagen al ruim 100 km kris-kras, maar wel gericht, door de stad gefietst. Morgen nog een nieuwe tocht en dan dinsdag weer richting huis.

Geef een reactie op theo van edr looij Reactie annuleren