Lees het blog niet vanuit je mailbericht. Dan mis je veel. Open het blog vanuit je mail door te klikken op de titel. Klik op een foto om de gehele foto te zien.
Nieuw jasje: Na bijna een half jaar ‘De Week van..’ had ik behoefte aan een nieuw jasje voor mijn blog. Nieuwe naam, nieuwe kleuren en een ander ontwerpthema. Ik kan weer een half jaartje vooruit. Leuk dat er een vaste groep lezers is, die met regelmaat een ‘like of een reactie’ achter laat. De meeste volgers in Nederland met een zogenaamde ‘aliasnaam’ heb ik inmiddels weten te herleiden. Maar wie is toch: ‘Lutulistraat0’. Mail maar een keertje. Zag in de statistieken van mijn blog dat ik nu ook lezers heb in de VS, Canada, Saoedi-Arabië, Nigeria, Tunesië, Noorwegen, Frankrijk en Duitsland. Grappig. Bedenk net dat wij zelf vanuit die laatste twee landen hebben ingelogd tijdens onze vakantie. Tunesië is ongetwijfeld oud-collega Froukje. Verder heb ik geen idee wie dat zijn. Wel nieuwsgierig natuurlijk.
Trombosedienst: Er zijn van die momenten dat je het gevoel krijgt echt een ‘oude zak’ te worden. Ik vertelde al eerder dat ik mij, vanwege mijn drie longembolieën eerder dit jaar, twee keer per dag moest injecteren met bloedverdunners. Gevolg overal grote en pijnlijke bloeduitstortingen in prikgebieden als buik en bovenbenen. Sinds deze week mag ik, op mijn dringend verzoek, pilletjes slikken i.p.v. injecteren. Daar hoort dan wel weer een inregelen van doseringen bij. Het AvL besteedt dit uit aan de trombosedienst. Ja, dan voel je je ineens oud en behoeftig. Trombosedienst hoort in mijn gevoel bij bejaarden zoals mijn oude vader. Al is dat natuurlijk lang niet altijd zo. Maar goed, naast alle behandelingen en consulten door artsen en ziekenhuizen, kon dit er ook nog wel bij. Vrolijk blijven doorgaan toch! De eerste keer krijg je dan bezoek van een medewerkster van de trombosedienst voor een intake, uitleg en bloedcontrole. Prima toch. Helaas was de bewuste dame kennelijk gewend alleen maar oude, slechthorende en vergeetachtige bejaarden te bezoeken. Overdreven articuleren op zo’n belerend dwingend toontje: “Begrijpt u wat ik allemaal vertel mijnheer?” Met zo’n steunzoekende blik naar Joyce in de trant van: “Onthoudt u het maar goed voor het geval hij het straks is vergeten” Waarom toch toegesproken worden alsof ik één of andere wils-onbekwame demente bejaarde ben. Grrrrr! Maar goed, bloedwaardes in orde. Daar gaat het uiteindelijk om.
Spanje wij komen eraan: Nu alle medische lichten voor mij op groen staan, zijn vlucht en auto geboekt voor Spanje. Alleen nog hotelletje boeken voor onze stedentrip naar het nabijgelegen Sevilla. Nog paar weken geduld en dan vliegen wij naar zwager en schoonzus in Al Haurin El Grande aan de Spaanse zuidkust. Mijn keyboard leraar zei onlangs dat hij het idee heeft dat wij altijd op vakantie zijn. Ik heb de foto’s van dit jaar er eens op terug gekeken en inderdaad moet ik toegeven dat het erop lijkt of ons leven van uitstapjes, korte tripjes en vakanties aan elkaar hangt. Maar ach, we hebben lang genoeg gewerkt, om nu zoveel mogelijk te mogen genieten.
Beachvolleybal: In het kader van de onderwijsherinneringen van vorige week nog een jaarlijkse oktobergebeurtenis. Traditioneel werken de schoolteams van onze stichting in oktober een avond-beachvolleybal-toernooi af op locatie ‘The Beach’ in Aalsmeer. Een leuke happening in een grote zandbak. Erg zwaar omdat je tot je enkels in het zand staat. Jaarlijks deed ik met een deel van mijn team mee aan dit evenement. Nooit kampioen geworden, maar we kwamen meestal een heel eind in de rangschikking. Joyce en oud-collega Saskia kwamen ons altijd aanmoedigen met een zak vol Marsjes. In mijn laatste werkjaar nog een keer met het team van mijn bestuurskantoor deelgenomen. Was best pittig, omdat ik net weer een operatie achter de rug had en dacht het wel weer aan te kunnen. Nou, dat viel conditioneel behoorlijk tegen. Mede vanwege mijn sportieve en fanatieke teamgenoten. Je wilt toch niet achterblijven. Maar, ondanks dat ik af en toe even sterretjes zag, toch volgehouden. Jammer dat het toernooi niet openstaat voor oud-medewerkers. Net zoals het jammer is dat mijn stichting haar gepensioneerde medewerkers niet eens bijeen haalt tijdens een ludieke bijeenkomst. Zou toch leuk zijn. Wat dat betreft doet de club van oud-kleuterleidsters het beter. Die zien elkaar nog met enige regelmaat. Mede door de inzet van Joyce, die dit samen met Hans Esman, oud medewerker van de voormalige afdeling onderwijs van de gemeente, al vele keren heeft georganiseerd. Grappig detail: Hans noemt Joyce steevast ‘moeder overste’. Hij heeft kennelijk ontzag voor haar (ha, ha) Klinkt altijd weer komisch.




Fall: Er zijn films waarvan je weinig verwacht, maar die bloedstollend blijken te zijn. Dat was deze week de film ‘Fall’ over twee adrenaline zoekende meiden, die in een gekke bui een oude verroeste zendmast van 600 meter hoog beklimmen in de ‘Mojavi woestijn’. Je voelt hem al aankomen: Eenmaal boven kunnen ze niet meer naar beneden en in die ‘middle of nowhere’ niemand om te helpen. Hoe kom je er dan toch vanaf? Wat valt daar nou verder over te vertellen in een film? Nou, genoeg dus. Vol nagelbijtende effecten. Vond ik tenminste. Voor iemand met hoogtevrees een ware beproeving om te bekijken. Een groot deel van de film met dat gekke kriebel gevoel in de benen gezeten, dat je vast wel kent wanneer je van grote hoogte ergens naar beneden kijkt. Wij bekeken de film op tv, maar omdat hij in IMAX is gefilmd, moet het in de bioscoop nog spectaculairder zijn. Belangstelling gewekt? Hieronder de trailer.
Daar zit een luchtje aan: Het gaat al een poosje niet zo lekker met onze kat Icky. Hij vermagert de laatste tijd en ligt veel in zijn mandje. Tegelijkertijd wil hij wel de hele dag eten. Zodra wij opstaan, naar de keuken lopen, een keukenkastje openen of koken, staat het beestje al klagelijk mauwend naast één van ons om eten te smeken. Geven wij dan een blikje voer, dan doet hij vijf minuten later alsof hij weken niet te eten heeft gekregen en mauwt om meer. Iets eetbaars op tafel zetten is niet meer mogelijk, want hij worstelt zich er naar toe. Wanneer wij zelf eten, moeten wij hem even buiten parkeren, omdat wij anders zelf niet aan eten toekomen. Hij gaat waarschijnlijk uit van de gedachte: ‘Als jullie iets eten, mag ik dat als volwaardig gezinslid ook’. Daarnaast drinkt hij meer dan vroeger. En de geur die uit de kattenbak komt is binnen niet meer vol te houden. Geen goede tekens. Wijst op veel voorkomende gebreken bij oudere katten, te weten schildklier- of nierproblemen. Of natuurlijk erger. Het lijkt erop dat de fut er na 14 jaar uit is. Vorige maand stelde de dierenarts voor om het nog een maandje aan te kijken omdat hij niet direct iets kon ontdekken. Deze week konden wij het niet langer aanzien en hebben maar eens bloedonderzoek laten doen. Was wel nieuwsgierig hoe je bij een kat bloed afneemt. Bij mensen kennen wij het wel, maar ga je bij een kat ook een ader opzoeken? En blijft het beestje dan gewoon rustig zitten? Het bleek simpel. Gewoon naald in het pootje, waarna het bloed er langzaam uitdruppelt in een buisje. En onze Icky onderging het in alle rust. Uitslag was niet meteen verontrustend, al was de schildklierwaarde wel iets onder de norm. Vandaar nu komende werk een echo van buik en darmen gepland bij een dierenspecialist in Noordwijkerhout. Kijken of er toch iets meer aan de hand is. Toch wel prettig dat ik ooit een kattenverzekering heb afgesloten, want de prijzen van dit soort onderzoeken zijn niet mals. Ons bezoek aan de dierenarts kreeg nog een welriekende wending. Onderweg in de auto hoorden wij ineens vanuit zijn reiskooitje borrelende geluiden. En ja hoor, zijn tijdelijke verblijf onder gekakt vanwege diarree. En er dan met zijn witte langharige vacht even lekker doorheen gewroet. Archhhh…! We wisten even niet hoe dit op te lossen onder het rijden, behalve dan de autoramen opendraaien. Pffff…. wat een stank! Niet te harden. Dierenarts vond het geen punt, al vroeg hij wel of wij even buiten wilden wachten tot wij aan de beurt waren. Konden wij inkomen. En dan moet je ook weer naar huis met een kat onder de smurrie. We hebben Icky maar even onder de douche gezet, want andere oplossingen bij zo’n langharig beestje waren er niet. Hoewel een Turkse Van (tot dat ras behoort hij) niet al te bang is voor water (sommige van zijn rasgenoten houden zelfs van zwemmen), vond hij dat niet leuk. Even doorzetten dus maar middels een stevige houtgreep. Gelukkig is de vacht weer wit, maar tjonge, jonge, wat een gedoe. Wordt vervolgd.

Snoeien: Het blad begint te vallen, dus tijd om de dakplatanen van hun bruin en geel wordende bladerdak te verlossen. Scheelt ook een hoop bladafval op je terras. Aangezien ik zaterdag mijn dienst draaide in het museum, had Joyce wel zin in dit klusje. Haar nog steeds pijnlijke stuitje vormt daarbij gelukkig geen hindernis. Het gaat gelukkig al iets beter met die stuit. Overigens kreeg Joyce belangstellende reacties en belletjes op mijn stukje over haar valpartij. Waarvoor dank. Maar…..waar zij een vorige keer nog als een aapje in de bomen klom, doet zij het nu wel iets voorzichtiger. Er zijn genoeg valpartijen geweest de laatste weken. Al knipte ze nu wel weer bijna een vinger eraf. Oempfff! Ja, ‘never a dull moment’ met dit onstuimige en impulsieve dametje.



Wintertijd: De wintertijd is weer ingegaan, dus deze zondag konden we een uurtje langer slapen. Officieel is de wintertijd de normale tijd. Alleen in de zomer is alles een uurtje vroeger om meer te profiteren van het daglicht. Zomer- en wintertijd bestaan al sinds 1977. Destijds bedacht tijdens de oliecrisis. Door meer gebruik te maken van zonlicht zou energie bespaard worden. Nooit bewezen. Het nut ervan is eveneens niet te bewijzen. De één vindt het geweldig, maar de ander ervaart het als storend vanwege het gewijzigde bioritme. Vorig jaar nog geprobeerd om het af te schaffen, maar dat voornemen is een stille dood gestorven. De Europese landen denken er zo verschillend over dat het dan qua tijd een zooitje zou worden in Europa.
Brie misleiding: Schreef ik een vorige keer hoe de supermarkten ons bedonderen met Pandanrijst, dan kan ik je nu vertellen dat hetzelfde gebeurt met Brie. En niet alleen de supermarkten. Mooie uitzending van ‘De keuringsdienst van waren’. Brie is een onbeschermde naam en iedere kaasmaker mag deze kaas naar eigen receptuur maken. Erger nog, of hij er nou de naam Brie of Camembert op zet, maakt niet uit. Eén pot nat zolang het maar roomkaas is. Om een zo groot mogelijk koperspubliek te veroveren wordt dit kaasmengsel zo smakeloos mogelijk gemaakt. De Fransen gruwen ervan. Kort gezegd wordt een gepasteuriseerd (verhitten tussen 65 en 95 graden om elke bacterie te doden) kaas/melkmengsel in vormen gedaan, dat in korte tijd stolt. Dan gaat het op rekjes en wordt het geheel bespoten met een schimmel. Na een week kan het de verkoop in. Hoe anders is het origineel. De echte Brie komt uit Meaux, een plaats in de buurt van Parijs. Brie de Meaux wordt gefabriceerd van rauwe melk van inheemse koeien. Hij wordt gestremd met dierlijk stremsel en het stollen duurt ongeveer een uur. Tijdens het stremmen wordt de melk verwarmd tot 37 °C. De zogenaamde wrongel (de massa van de door stremsel of zuursel samengeklonterde eiwitten uit de melk die het eerste stadium van de kaas vormen) wordt nauwelijks gesneden. De kunst is om de dunne lagen wrongel met de hand met een speciale brieschep, de ‘pelle à brie’, bij een temperatuur van 33 °C, in de kaasvormen te scheppen. De vormen hebben een doorsnede van 36 à 37 cm. Na vier uur worden de kazen in een ruimte van 24 °C gebracht en na zes uur in 19 °C. Hij wordt niet geperst. De volgende dag wordt de Meaux met schimmel bestrooid en licht-gezouten, volgens AOC-voorschrift alleen met droog zout. Hij wordt in een ruimte van 12 °C op stromatjes te rijpen gelegd. De afscheiding van de wei vindt spontaan plaats, wat versterkt wordt door verdamping van het grote oppervlak. Afscheiding van de wei mag niet te snel verlopen omdat dan het risico bestaat dat de kaas breekt. Na een week worden de kazen overgebracht naar de ‘affineur’ (specialist die de kazen keert) om in een gekoelde vochtige ruimte van 7 °C verder te rijpen. Tijdens de rijping worden de kazen regelmatig met de hand gekeerd. De affinage duurt minimaal 4 weken, en maximaal 8 weken om de kaas tot volle rijpheid te laten komen. De Meaux is op zijn best als hij net niet vloeibaar is. Resultaat een smaakvolle roomkaas. Toegegeven, je moet er van houden, want de smaak is veel sterker dan het smakeloze Nederlandse product. De Brie de Meaux en de Brie de Melun zijn de enige twee brie-soorten die een AOC-keurmerk hebben. Beide zijn altijd beschermd geweest. Er bestaat een heus Brie-genootschap, geheten ‘Confrérie du Brie de Meaux’. De leden dragen een (niet eetbare) hoed in de vorm van een Brie. Wil je de uitzending over Brie bekijken, klik dan op de link of plak hem in je browser. Je kunt de uitzending ook terugkijken op NPO-start.
Keuringsdienst van waren: https://www.npostart.nl/KN_1729779



Tot slot: Na dit smaakvolle bericht eindigt deze 25e ‘Week van Fritz…’ met vanavond nog één van de laatste races van Max dit seizoen op ‘pole position’ in Mexico in het vooruitzicht. Leuk wanneer je weer een ‘like of reactie’ achter laat. Tot volgende week.

Geef een reactie op Ger Gritter Reactie annuleren